Les contes d’ Hoffmann (Hoffmann’s vertellingen) is een opera van Jacques Offenbach.
Deze opera vertelt de liefdesverhalen van
de dichter Hoffmann.
Deze wagen is een fantasievoorstelling
waarop de schrijver, de liefdes van Hoffmann en de plaats van de vertelling te zien
zijn.
De Cello symboliseert Jacques Offenbach, welke ook cellist was. De Harp symboliseert Hoffmann’s eerste liefde:
Olympia. Dit was een automatische pop,
die zong onder begeleiding van een harp.
De beweging van deze instrumenten geeft
het onzinnige van deze liefde weer.
De tweede liefde speelt zich af in Venetië.
Terwijl Hoffmann zijn mede-minnaar
doodt, vaart Giullietta lachend weg.
In München woont zijn derde geliefde:
Antonia. Hoewel ze van de dokter niet
mag zingen, zingt ze met Hoffmann een
liefdesduet. Ze speelt daarbij op een
spinet. Later zingt Antonia zich onder
een betovering dood. Dan blijkt ook deze liefde nutteloos.
Na de vertellingen keren we terug naar de
Luthers raadskelder. Hier hangt een geur
van wijn en bier. Dit is op de wagen afgebeeld door de vaten achteraan en aan de
zijkant van de wagen.
Dan valt Hoffmann in zijn dronkemansslaap. Zo wordt hij gevonden door Stella,
waarvan Hoffmann zei dat zij zijn vorige
liefdes in zich verenigde.
Maar als zij Hoffmann zo aantreftvertrekt
zij kwaad en komt de gemaakte afspraak
niet na….