Hier wordt de levenscyclus van de mens voorgesteld als een
halve cirkel of wiel. Het menselijk leven begint bij de geboorte,
daarna volgt een periode van groei en maatschappelijke
ontwikkeling, totdat hij of zij het hoogtepunt bereikt.
Na deze tijd volgt de tijd van achteruitgang en
aftakeling tot de dood daar op volgt.